Ze richt zich tot de leer van Brancusi; het reduceren van vormen tot de essentie, het in vraag stellen van het figuratief beeldhouwen, de plastische bewerking van het menselijke lichaam enerzijds en het abstraheren van de vorm anderzijds. Zelf verkiest ze eerder een architecturale context voor haar beelden dan een natuurlijke omgeving.
Het combineren van het abstracte met het figuratieve inspireert haar uitermate. De anatomie wordt onderworpen aan een heel strenge ordening. Ze probeert telkens tot een formele oplossing te komen binnen het krachtveld dat begrensd wordt door organische en mathematische componenten. Vandaar dat de beelden abstract te noemen zijn.
Daarmee wordt het resultaat niet onpersoonlijk, de schoonheid is juist heel subtiel aanwezig in een detail of minieme afwijking van de symmetrie. Ontdaan van het hoofd, de armen en soms zelfs de benen, ontdaan van emoties. De beelden tonen vormemoties, een sensuele verstilling waarbij het lichaam uiteindelijk als beeld naar voren treedt.
De verbeelding van het lichaam is bij uitstek het domein van de kunstbeschouwing, die de historische en culturele dimensie in beeldvorming tot onderwerp neemt. De beelden van Eja Siepman van den Berg zijn tijdloos. Ze bevangen het sublieme moment waarin de schoonheid van het lichaam tot stilstand gebracht wordt in brons.
Het zwarte brons omsluit een mysterieuze ingetogenheid, een duurzame schoonheid in een pose, gegijzeld voor eeuwig. Of het nu zwart is of wit, welke cultuur of tijd ook, een moment van innerlijke balans en serene rust. Een “ bewuste pose”.

De schoonheid stilgezet

27.01.2012 - 09.03.2012

Aanvankelijk was er de voorkeur voor steen, het weghalen van materiaal. Nadien werkte Eja Siepman van den Berg meer in brons, modelleerde en bouwde op. Volgens de traditie van zijn haar beelden ondergeschikt aan het model en werkt ze vrij via foto's en zonder model. Haar beelden staan niet in dienst van de verbeelding van een specifiek persoon maar is een spel van verhoudingen en symmetrie.