Jan Schoonhoven

(Delft, 1914-1994 ), From 1930 to 1934 Jan Schoonhoven takes drawing classes at the Royal Academy of Fine Arts in The Hague, after which he launches his career as a plastic artist. Initially, he feels strongly attracted to the work of German expressionists Max Pechstein and Ernst Ludwig Kirchner and later Paul Klee.

publications

In de jaren veertig begint hij steeds meer te tekenen met inkt en waterverf, waarin meer en meer ritmische ordeningen in horizontalen en verticalen verschijnen. In de jaren vijftig ontstaan zijn eerste reliëfs, aanvankelijk in aardekleuren beschilderd, maar steeds vaker helemaal wit. In 1958 wordt hij medelid van de Nederlandse Informele Groep, en van 1960 tot 1965 maakt hij deel uit van de Nul-beweging, met Armando, jan henderikse en Henk Peeters. Deze groepering, die in het licht gezien kan worden van de internationale ZERO-beweging, zet zich in zekere zin af tegen de opvattingen van CoBrA en van het abstract-expressionisme in het algemeen. NUL streeft naar een objectieve kunst die ontdaan is van emotionaliteit. De uitbanning van het persoonlijk handschrift is hier impliciet aan. Nadat de groep zich heeft opgeheven, werkt Schoonhoven door in dezelfde lijn. Zijn inspiratie kan liggen in de lijnen van de jaloezieën voor zijn raam of in de opeenvolging van de stoeptegels. Alhoewel het seriële karakter van zijn werk aanwezig blijft, in de zin dat hij de vlakken en lijnen in ritmische herhalingen neerzet, gaat hij vanaf 1978 vaker afwijken van de strenge geometrie in zijn lijntekeningen, en worden zijn werken meer expressionistisch en zijn handschrift persoonlijker. Schoonhoven heeft niet het standaard leven van een kunstenaar geleid; vanaf 1946 tot aan zijn pensionering in 1979 heeft hij naast zijn beeldende arbeid een volledige baan gehad als ambtenaar bij de P.T.T. Deze functie, waarin hij geen enkele carrière ambieerde, gaf hem structuur in zijn leven. Inmiddels is het werk van Jan Schoonhoven getoond in binnen- en buitenland en worden er recordbedragen neergeteld voor zijn schilderijen, tekeningen en reliëfs.

T 87-43
1987
inkt op papier
50 x 32,5 cm
€ 5.750
show
T 92-22
1992
inkt op papier
50 x 32,5 cm
€ 5.750
hide

In the forties he starts using ink and water colours more and more, with more and more horizontal and vertical rhythmic arrangements. In the fifties he creates his first reliefs, initially painted in earth colours, but increasingly all white.


In 1958 he becomes a fellow member of the Dutch Informal Group, and from 1960 to 1965 he is a member of the Zero movement, together with Armando, Jan Henderikse and Henk Peeters. Within the context of the international ZERO movement, this movement opposes the views of CoBrA and abstract-expressionism in general. ZERO pursues objective art, discarding emotionality. The banishment of personal handwriting is implicit.

After the group had disbanded itself, Schoonhoven continues working along the same lines, drawing his inspiration from the lines of his window blinds or the succession of paving stones. Although the serial nature of his work remained present, in the sense that he rendered planes and lines in rhythmic repetitions, he deviated increasingly from the strict geometry in his line drawings from 1978 onwards, and his work became more expressionist and his handwriting more personal.

Schoonhoven did not lead an artist’s life; from 1946 to his retirement in 1979 he had a full job as a civil servant with the Post Office, in addition to his work as a plastic artist. This position, in which he did not aspire to any career, structured his life.

Jan Schoonhoven’s work has already been exhibited both home and abroad; his paintings, drawing and reliefs fetch record prices.